Over cultuur, Clermond-Ferrand, sierkipjes, kwartels en kippenverdriet
3 oktober 2008
Ieder jaar willen we een paar keer iets “cultureels” doen. Dat kan bij ons van alles betekenen: een museum bezoek, een concert bijwonen, een stad bekijken, een kathedraal bewonderen, een dagtocht in de omgeving maken....
Vorig jaar kozen we, als echte Pink Floyd liefhebbers, voor een concert van Roger Waters, in Parijs. Een geweldige ervaring was dat! Dit jaar kozen we voor het bijwonen van een show van Holiday on Ice - in april, in Clermond-Ferrand. Voor ons iets heel nieuws, maar door het tv-programma “Sterren dansen op het ijs” heb ik bewondering gekregen voor het ijsdansen. We kozen voor de middagvoorstelling, zodat we daarna nog tijd hadden om eens een kijkje te nemen in Clermond-Ferrand.

De show zat goed in elkaar, prachtige kostuums en sprookjesachtige decors en verlichting. Ja, het was genieten. Maar we kwamen tot de conclusie: een keer is genoeg, volgend jaar moeten we iets anders kiezen.
Na de show reden we meteen het centrum van Clermond-Ferrand in. We ontdekten zo, dat deze stad een leuke winkelkern heeft.
Echt winkelen zit er in onze omgeving niet in en ik kreeg toen toch wel even de kriebels om eens lekker winkel in, winkel uit te lopen, zoals ik in Rotterdam zo vaak deed. We hadden niet veel tijd en toen we een winkel van “Nature et Découvertes” binnen liepen, vergaten we de tijd. We keken onze ogen uit. Zo'n winkel hadden we bij ons nog nooit gezien. Er was zoveel te zien. De winkel stond vol met onbekende dingen op gebied van natuurproducten voor lichaam en ziel, voor in huis, voor buiten, met allerlei boeken over tuinaanleg, planten, dieren, het aanleggen van een vijver, renovatie...... We kwamen ogen en tijd te kort. Voordat we het wisten was het 19:00 uur en ging de winkel dicht. Als herinnering kochten we een geurverstuiver met allerlei verschillende flesjes “d'huiles essentielles” op biologische basis.
We spraken af, dat we in Hanjo's vakantie, in augustus, een hele dag naar Clermond-Ferrand zouden gaan.
In augustus maken we inderdaad tijd om een uitgebreid bezoek te brengen aan Clermond-Ferrand. De rit er naar toe duurt ongeveer 1½ uur. Clermond-Ferrand is omgeven door de eerste uitlopers van Monts Dôme. Al heel lang kun je de hoogste berg uit die omgeving zien, de Puy de Dôme. Deze berg hebben we inmiddels al 2x bezocht met logees. Helaas kiezen we een verkeerde dag. 15 augustus blijkt een Franse feestdag te zijn en alle winkels zijn dicht. Zelfs de imposante kathedraal heeft zijn deuren gesloten. Dat is balen. Wat nu?

We besluiten in Clermond te lunchen en dan via een alternatieve route terug te rijden. Het is mooi weer en we rijden door leuke dorpjes en de route die we rijden is mooi. Het baalgevoel is snel weg.
We komen langs een enorm tuincentrum en dat is tot onze verbazing open. Tuincentra oefenen altijd een enorme aantrekkingskracht op ons uit, dus het is vanzelfsprekend dat we even een tussenstop maken om er een kijkje te nemen. Er blijkt ook een kippenfokkerij in het centrum te zijn. We lopen daar een tijdje rond en zo maken wij kennis met allerlei sierkipjes. Zo leuk!
Ook is er een hangbuikzwijn met een aantal jongen te bewonderen en in een ander hok staan een paar geiten met hun jongen.
We kopen niets. We kijken alleen maar.
In de auto komen we tot een nieuw plan: het maken van een volière/kippenren voor een paar sierkipjes.
We zijn allebei gevallen voor de sierkipjes.

Thuis aangekomen duiken we het internet op. We zoeken allerlei informatie over de verschillende rassen, over de verzorging, hun onderkomen en hun voedsel. Hanjo gaat de dag erna meteen aan de slag. Uitmeten van de ren en het nachthok. Hij bekijkt de materialen die hij nog in voorraad heeft en maakt een lijstje wat hij nog kopen moet. Gaas hebben we nog voldoende in voorraad. Zelfs het hele fijne gaas voor op de bodem, tegen ratten, hebben we nog liggen.
Na twee dagen hard werken is de volière klaar. Het slaaphok heeft zelfs een betonnen vloertje en het houtwerk is aan de buitenkant in de lak gezet. De bewoners kunnen komen.
We besluiten het er nog een keer op te wagen: een dagje winkelen in Clermond-Ferrand. We spreken af dat we op de terugweg langs het tuincentrum rijden om een paar kipjes uit te zoeken.
Zo gezegd, zo gedaan.

's Ochtends vroeg vertrekken we naar Clermond. Zeker wetend dat de winkels open zullen zijn. De route is ons zo langzamerhand al bekend.
In Clermond bekijken we verschillende etalages, lopen een paar winkels in maar kopen eigenlijk niets.
Weer komen we in die mooie zaak terecht: “Nature et Découvertes”. Daar vinden we op de boekenafdeling een prachtig boek over kippen en sierkippen. Ook vinden we daar een tuinboek vol ideeën over hutten, en andere bouwwerkjes om zithoekjes te maken in de tuin.
We nemen nog wat essentiële oliën voor in onze brandertjes mee. En voor Malèna, ons kleinkind, kopen we een mooi uitgevoerd dominospel. Alvast voor de kerst.
We lunchen uitgebreid en wandelen nog wat door de straten van Clermond. We lopen even het VVV-gebouw binnen en bekijken de folders en boekjes die daar liggen. We vinden het programmaboekje van het concertgebouw en bladeren dat door. Thuis gaan we bekijken of er iets tussen zit, waar we naar toe willen. We hebben het naar ons zin. Het is prachtig weer. We genieten van ons dagje uit. Dit is even iets anders dan altijd maar dat gewroet in de aarde....
Toen op weg naar de kipjes. Daar aangekomen lopen we meteen naar de dierenafdeling. Het hangbuikzwijn is er nog met haar kroost. Ook de geiten en de jongen zijn er nog. We lopen langs de verschillende hokken en vergapen ons aan al die verschillende soorten kippen en hanen. De kippen die in de buitenhokken zitten, zijn niet te koop. Zij zijn bedoeld voor het fokken. Dat hadden we tijdens ons vorige bezoek niet opgemerkt. We bekijken de kippen en we vinden dat ze er goed uitzien. Ze hebben een mooi verenpak, ze zijn actief. We hebben het idee dat ze goed verzorgd worden. We kijken elkaar aan...wat doen we ... kopen we hier een paar kipjes?

We besluiten het te doen en vragen een medewerker of hij ons kan helpen. Onze keuze was gevallen op het ras “Sebright”, een klein ras kip met een prachtig zwart-wit verenkleed. Die blijken niet voor de verkoop te zijn. Dat is jammer. We kijken verder en we zien een paar grappige baardkuifkrielen rondlopen. We vragen nog even bedenktijd en de verkoper gaat iets anders doen. We overleggen. Wat nu? We kijken nog eens goed naar die baardkuifkrieltjes en besluiten daar een paar van te kopen. Ook zien we kleine grappige vogeltjes rond rennen en we vragen aan de verkoper wat dat zijn. Hij zegt: cailles.
Cailles?? We denken diep na, maar kunnen niet meteen bedenken wat cailles zijn. Pas als de man vertelt hoe de eieren eruit zien, gaat ons een lichtje op. Oh, kwartels. Hij vertelt over de kwartels en we besluiten er een paar mee te nemen.
We gaan naar huis met 4 baardkuifkrieltjes, een haantje en drie hennetjes. En met 4 kwarteltjes, ook een haantje en drie hennetjes.
Thuis aangekomen, lopen we meteen met onze aanwinsten naar hun verblijf en zetten de dozen open in de ren, zodat de dieren er zelf uit kunnen komen. Al gauw stappen ze uit de dozen en gaan ze hun nieuwe huis verkennen.


Alles wordt bekeken. Hun kippenburen zijn erg nieuwsgierig en ze staan allemaal naar hun nieuwe buurtjes te kijken. We horen ze zachtjes kakelen, mompelen. We zijn benieuwd wat ze tegen elkaar zeggen. Zo grappig. We genieten ervan en we maken allerlei foto's.
De kwartels hebben een vreemde manier van zich voortbewegen. Ze bewegen zich al sluipend door de ren. En rennen er dan ineens vandoor. We kijken elkaar aan en vragen ons af ”is dat normaal?”
We kunnen ons bijna niet losrukken van dit schouwspel, maar we moeten echt aan ons eten denken.
's Avonds gaan we weer even kijken. De baardkuifkrieltjes hebben hun slaaphok opgezocht en de kwartels zitten in een hoekje van de ren.
We weten niet veel over kwartels en de rest van de avond besteden we aan het opzoeken en lezen van informatie over kwartels. We lezen onder andere dat die sluipgang echt typisch is voor kwartels. We lezen ook dat ze van begroeiing houden en graag ergens onder zitten.
We ontdekken dat er verschillende soorten kwartels zijn. We bekijken de verschillende foto's goed en we denken dat we de Japanse kwartels hebben gekocht. Deze zijn niet helemaal “winterhard”. Ze hebben een geïsoleerd nachthok nodig. Dus daar moeten we eens goed over nadenken hoe we dat gaan maken.
Samen bekijken we het programmaboekje van het concertgebouw. We beslissen dat we kaartjes gaan bestellen voor “Die Zauberflöte” van Mozart, in april 2009. We kijken elkaar aan.....Holiday on Ice? .....een opera .....Wel even andere dingen dan anders. Leuk!
De volgende dag kijken we steeds naar de nieuwe kipjes. Doen ze het goed? Eten ze? Drinken ze? Poepen ze?
We zien dat ze zich uitgebreid wassen. De kwartels liggen languit is het zand en nemen een zandbad. Dat is zo leuk om te zien.
Alles lijkt in orde. En we gaan over op de orde van de dag.
Hanjo timmert een laag hutje voor de kwartels en ik plant wat klimop en bodembedekkers in de ren.
Al gauw zien we dat de kwartels onder en tussen de takken van de klimop kruipen. Ze kruipen echter niet in het hutje, maar gaan er bovenop zitten. Het dakje is bedekt met een soort golfplaat en de kwartels ontdekken dat hun lijfje precies in zo'n golf past. Het is geen gezicht, maar de kwartels vinden het heerlijk.
We vinden elke dag 3 kwarteleitjes. Ze liggen her en der verspreid in het hok. Het lijkt wel of ze de eitjes onderweg gewoon verliezen. Ze hebben niet, zoals onze kippen, een vast plekje waar ze hun eieren leggen.
Ze vallen door hun kleur bijna niet op in het zand en de aarde.
Ook de volgende dag lijkt alles in orde, maar de dag daarna vind ik een dood baardkuifkrieltje in het slaaphok. Alsof het in haar slaap is doodgegaan. Ik trek mijn tuinhandschoenen aan en til het kipje voorzichtig op. Ik vind het wel een eng gevoel. Zo stijf en zo licht. Alsof ik alleen maar veertjes in mijn handen heb.
Ik leg het beestje in een kistje en neem het mee naar het achterste stuk van de tuin. Daar graaf ik een gat en leg het kipje er in. Toch wel een beetje verdrietig gooi ik het gat dicht. Dit was de bedoeling toch niet en met een ongerust gevoel ga ik nog eens bij de kipjes kijken. Er lijkt niets aan de hand, net als gisteren. Ze eten en drinken, ze zijn tierig. Als ik het deurtje open doe, komen ze alle drie nieuwsgierig kijken. Ze proberen onder mijn handen door naar buiten te lopen. Nee, er lijkt echt niets aan de hand.
De volgende dag zie ik dat een krieltje heel stilletjes is en in elkaar gedoken zit. Een paar uur later ligt het dood in de ren. We begrijpen er niet veel van. We lezen van alles over kippenziektes, maar we vinden niets over de doodsoorzaak van onze kipjes.
We hopen nu dat de twee overgebleven krieltjes niet besmet zijn, maar helaas gaan zij ook dood. Nu liggen alle vier de krieltjes onder de grond. We vragen ons af wat we niet goed gedaan hebben. We weten het echt niet. We hopen nu alleen maar dat de kwarteltjes blijven leven en dat de andere kippen niet besmet zijn.
We zijn nu vier weken verder. De kwarteltjes zijn er nog en ook de grote kippen lopen nog allemaal heerlijk in hun grote ren naar slakken en wormen te zoeken. Nog steeds vragen we ons af wat er aan de hand is geweest. Misschien hadden ze al wat onder de leden, misschien was het de overgang van de ene volière naar de andere volière. We zullen het nooit weten.